De beste stuurlui staan aan wal

Vroeger stonden er altijd betweters op de kade te schreeuwen hoe een schip moest aanmeren, terwijl ze zelf nog nooit een roer hadden aangeraakt! We gebruiken dit voor mensen die veel commentaar hebben, maar zelf niets uitvoeren.

Het over een andere boeg gooien

De ‘boeg’ is de voorkant van een schip. Als de wind draaide, moesten zeilers het zeil en de boeg een andere kant op sturen om vooruit te komen. Nu zeggen we dit als je plan A mislukt en je overstapt op plan B!

Voor pampus liggen

Voor de haven van Amsterdam lag een zandbank genaamd Pampus. Schepen moesten daar bij eb urenlang wachten, waardoor de zeelui lui op het dek lagen te zonnen. Nu zeggen we dit als je uitgeteld op de bank ligt.

Tussen de wal en het schip vallen

Als je van de kade op een boot stapt en misstapt, val je precies in het koude water ertussenin. Daar kan niemand je goed helpen! Tegenwoordig betekent het dat je bij een probleem nergens terechtkunt voor hulp.

Iemand de loef afsteken

De ‘loefzijde’ van een schip is de kant waar de wind vandaan komt. Als je met jouw schip aan die kant ging varen, nam je de wind van je tegenstander weg! Een slimme truc om stiekem de beste te zijn.